|
De Nederlandse Brood- en Banketbakkers Ondernemers Vereniging (NBOV) wil dat ook de groeiende allochtone groep van Turkse bakkers zich houdt aan de regelgeving. "Nederlandse warme bakkers doen dat wel en komen vooral in de grote steden als Den Haag in een ongelijke concurrentiepositie," zegt NBOV-voorzitter Rin van der Molen. De belangenorganisatie werkt aan een brandbrief aan minister Maria van der Hoeven van Economische Zaken.
De oer-Haagse bakker Huub van der Zijden verkocht vorige week drie van zijn vier vestigingen. Hij kon de strijd niet meer aan met Turkse bakkers en supermarkten. Het aantal warme bakkers in de Haagse regio loopt gestaag terug. "Wij willen dat er binnen een jaar sprake is van gelijke monniken, gelijke kappen. De verschillen zijn ons al lang een doorn in het oog," aldus Van der Molen. Volgens hem houden Marokkaanse, maar vooral Turkse bakkers er zo'n eigen wijze van ondernemen op na, dat het vaak onduidelijk is hoe het loopt met loonbelasting, pensioenen en afdrachten voor meelheffingen, maar ook de hygiëne. Bakkerijen wisselen ook veelvuldig in korte tijd van eigenaar. Volgens Van der Molen mag het niet lang duren voordat de Voedsel en Warenautoriteit (VWA) in actie te komt. "Je hebt in Nederland ruim 2000 bakkersbedrijven en er zijn vermoedelijk ook 700 van allochtone oorsprong waarvan je niets hoort. Zij hebben geen aanspreekpunt (en dus is er - nog - geen reactie op de aanstaande brandbrief) en willen niet gezamenlijk optrekken, terwijl verenigingsgezindheid nodig is voor verbeteringen in de branche." De NBOV-man wil ook aandacht voor zaken als kostprijscalculatie. "Turkse bakkers hebben een eigen stramien van handelen. Grondstoffen worden dikwijls contant afgerekend. Hierdoor zie je dat de prijs van hun brood soms de helft is van die van het Nederlandse."
|