Gecekuşu schreef:Haremi hayatinda görmemis batili gezgenler uydurdugu sapik hikayelere dayanarak at gözlüklerle tarihe bakman anca seni tatmin eder.
Ehm...
Er is genoeg onderzoek gedaan naar de vormen van het seksuele moraal in het Osmaanse rijk. Dit soort onderzoek staat los van de klassieke orientalisten, diens werken zelf onderhevig zijn aan wetenschappelijk onderzoek/kritiek, en is uitgevoerd door Turkse, Arabische, Iraanse en westerse academici over de hele wereld. Een aantal feiten:
De harems van de Sultans telden vrijwel altijd 300 vrouwen, in de 19e eeuw liep dat op tot 900 (Ahmet Rasim, Fuhus-i Atik, Iskit Yayinlari, Istanbul 1958).
De harem werd Dar us-sa'ade genoemd, huis van genot. Alles begon in het jaar 1365, toen Sultan Murad I besloten had een paleis op te richten die zijn souvereiniteit op een volgens hem gepaste manier zou uitstralen. HIj bouwde het paleis in Adrianopolis (Edirne), wat toen de hoofdstad was van het Osmaanse rijk, en noemde het Cihannuma Kasri (Paleis der Wereldregie). Pas toen Sultan Mehmet Istanbul had veroverd, werd de hareminstituut geincorporeerd in het paleisinstituut. De harem bestond standaard uit vrouwen die onderverdeeld waren in verschillende categorieen. Deze bestond uit 8 groepen:
1. Valide Sultan ofwel Moeder van de Sultan, die tegelijkertijd de leidster van de harem was,
2. Bas Kadin Efendi (Bas Haseki), de moeder van de Sultan's eerste kind en de oogappel van de Sultan,
3. Ikballer, vrouwen die na het eerste kind van de Sultan, andere kinderen baarden. Deze vrouwen waren in aantal minimaal 4, en kon oplopen tot 7,
4. Gedikli kadinlar, dit waren ervaren slavinnen die de Sultan begeleidden tijdens zijn meest intieme dagelijke behoeften, zoals het baden maar ook ontlasten,
5. Odaliklar, jonge slavinnen waar de Sultan geregeld kinderen bij verwekte,
6. Gozdeler, jonge slavinnen die zomaar uit de maatschappij werden gepikt terwijl ze aan het winkelen, spelen of werken waren, omdat ze de Sultan op het eerste gezicht bevielen,
7. Cariyeler, uit oorlogsbuit afkomstige dienstmeisjes in de harem die als ze geluk hadden, het konden schoppen tot Gozdeler.
8. Zwarte Eunuchen (bewakers van de harem), dit waren ontvoerde of gekochte kinderen uit Abbesinie (Ethiopie) en Sudan die gecastreerd werden en verantwoordelijk waren voor de communicatie van de harem met de buitenwereld. Hun leider was de Kizlaragasi, die ervoor kon zorgen dat sommige meisjes gepromoveerd werden binnen het haremsysteem, en die nieuwe slavenmeisjes vanuit de slavenmarkt in de harem introduceerden.
Voordat de vrouwen het bed mochten delen met de Sultan, moesten ze echter gekeurd worden door de Bas Kadin Efendi en ervaren vrouwen in de harem die hen dan een opleiding gaven in zang, schrijven, dichtkunst, dans, en het bespelen van verschillende muziekinstrumenten. Hun lichamelijke proporties moesten perfect zijn; er bevond zich nooit een vrouw in de harem die overgewicht was, een disproportioneel lichaam had of lelijk was. Het was normaal voor de Sultans om in totaal 100-200 kinderen te verwekken. Maagden werden gewoonlijk op vrijdag aangeboden als speciale traktatie.
Alleen Sultan Ibrahim II week af; hij ontsloeg al de vrouwen van de harem en eistte dat de Kizlaragasi de dikste vrouw voor hem zou regelen. Dit werd de Armeense Sivekar Hatun, die zich later ook met staatszaken zou bemoeien. Al deze informatie komt uit het werk van Sema Nilgun Erdogan en Murat Bardakci, respecievelijk Sexual Life in Ottoman Society Donence Yayinlari, Istanbul 2000 en Osmanli'da Seks, Inkilap Kitabevi, Istanbul 2009.
Gecekusu, je moet niet denken dat het seksuele moraal van de Osmaanse Sultans islamitisch of voorbeeldig was, dit was verre van dat. Verder was dat in de maatschappij ook niet zo; zaken als eerwraak, ongelijkheid der seksen, institutionele discriminatie van vrouwen etc.. kwam toen ook voor, uiteraard nog meer dan in de republiek.
Hasnicktir heeft hier slechts vage kennis van, die hij op een onsamenhangende, compleet met persoonlijke waanbeelden doordrenkte manier presenteert. Maar hij zuigt het niet helemaal uit zijn duim, het komt ergens vandaan. Vandaar dat ik deze verifieerbare feiten en hun bronnen citeer, zodat je het zelf kunt onderzoeken zonder verstoringsfactoren die uit Hasnicktir zijn geest ontspruiten.
Weet wel dat de werken van Nilgun en Murat geen wetenschappelijke werken zijn, maar wel referenties bezitten naar de gepresenteerde gegevens.
Als je serieus onderzoek wilt doen naar dit onderwerp, of een academisch perspectief wilt benaderen, dan adviseer ik jou het werk van Dror Ze'evi: Producing Desire, Changing Sexual Discourse in the Ottoman Middle East, 1500-1900, University of California Press, Berkeley & Los Angeles, California 2006.
Deze visies zijn niet gebaseerd op de dromen of fantasieen van de onderzoekers; er zijn talloze concrete bewijzen die hun onderzoeken ondersteunen. Manuscripten die door de hofambtenaren zelf werden bijgehouden, in combinatie met de intact gebleven harems en haremwoningen en accessoires (dildo's, olien, zalfjes, een prive arts etc.. en dit ook allemaal vastgelegd in manuscripten uit die tijd door de hofambtenaren zelf bijgehouden) zijn hierin de belangrijkste bronnen.
Morele desintegratie is een van de redenen waarom Ataturk het noodzakelijk achtte om het Osmaanse politieke systeem af te schaffen, en dit was ook een reden van radicale moslims in het rijk, zoals de Wahhabieten of minder cultureel verfijnde Arabische stammen van het Arabisch schiereiland, om zich tegen het Osmaanse bewind te verzetten. Ondanks dit, waren er genoeg Arabieren die aan de kant van de Osmanen vochten in de eerste wereldoorlog (de slag bij Kut el Amara bijvoorbeeld) of wahhabieten/radicale soennieten die ondanks het verval van het Osmaanse koningshuis, geinspireerd door de soennietische jurisprudentie die de soennieten oproept ook een corrupte heerser te gehoorzamen, omdat stabiliteit beter is dan chaos (fitna), de Sultan trouw bleven.